geselecteerd als gefixeerd bericht
DJERBA EN HET ZUIDEN VAN TUNESIE
Djerba, het kleine palmeneiland voor de oostkust van Zuid Tunesixeb, waaraan ik mijn hart verloren heb. Ik kom er een keer of vier per jaar en het liefst ging ik er wonen. Dit is helaas nog niet mogelijk voor mij, maar in de toekomst zal dat zeker het geval zijn. De brede witte stranden, de azuurblauwe zee, de vriendelijk dorpjes en stadjes en de vriendelijke bevolking maken dat ik een paar keer per jaar te vinden ben op dit mooie eiland. Ook de Sahara die bijna aan Djerba grenst, is een fantastisch landschap wat uitnodigt om steeds weer terug te keren.
Maar toch zijn er nog veel mensen die niet weten waar het ligt en heel verbaasd zijn als ik ze vertel dat het vanaf Schiphol maar 3 uurtjes vliegen is en vanaf Brussel slecht 2.5 uur.
Misschien dat dit er toe bijdraagt dat wat meer mensen eens naar Djerba willen gaan om te ontdekken wat het eiland en het aangrenzende Zuiden allemaal te bieden heeft.
Djerba is het grootste eiland voor de Noord-Afrikaanse kust. Djerba was waarschijnlijk het door Odyssees in zijn 9de hymne bezongen eiland der Lotofagen, de eters van de lotusvruchten. Het eiland is in het verleden altijd bexefnvloed door vreemde culturen, Feniciers, Romeinen, Arabieren, Turken, Fransen maar ook de Noormannen en Spanjaarden hebben geprobeerd het eiland te overheersen. Het is verbonden met het vaste land door een Romeinse dam, maar je kunt ook via een pont naar het vaste land.
Djerba heeft een breed zandstrand, het zeewater is er ondiep omdat Djerba wordt omgeven door een gordel van zandbanken.Vooral de stranden Sidi Mahres en La Seguia zijn erg mooi.
Djerba heeft zelf geen zoet water, en het gebrek daaraan maakt dat hoofdzakelijk gewassen gedijen die in staat zijn zonder water tot wasdom te komen zoals cactus, sterke grassoorten, brem, wilde alsem, deze kunnen goed tegen de zilte bodem, of hebben een klein verdampings oppervlak. Dit laatste geld bijv. voor de olijfbomen die hun kleine bladeren nog kleiner kunnen maken. Op Djerba vind je dan ook uitgestrekte olijfgaarden met daar tussen vaak gerst of tarwe akkers. Het gebied tussen El May, Guachen en Midoun heeft het weelderigste landschap van Djerba. Op de vochtige leemgronden groeien tafeldruiven, granaatappels, sinaasappels, citroenen, vijgen, perziken en abrikozen. Ook vind je er amandel, kersen en appelbomen. Ook worden er meloenen, tomaten, artisjokken en wortelen gekweekt.
De schilderachtige stadjes zijn gezellig om door heen te dwalen, en een bezoekje te brengen op de markt of snuffelen in de vele kleine winkeltje van o.a. Midoun, Guellala en Houmt Souk waar van alles te koop is. Ook de diverse bezienswaardigheden en musea, o.a. het krokodillenpark, een tapijt weverij, de pottenbakkerswinkeltjes en de edelsmeden zijn stuk voor stuk de moeite waard om eens te bekijken.


SOUKS
GHORFA’S IN MEDENINEDaarna door voor een bezoekje aan de Ghorfa’s. Vroeger werden daar de voorraden bewaard door de berbers en andere volken die door de woestijn trokken en men kon er overnachten. Het is een wonderlijke bouw en via een trap konden we op de daken komen waar we een mooi uitzicht hadden over het geheel.Vervolgens hebben zijn we naar Chenini gereden door een schilderachtig landschap met kleine oases en kuddes met schapen en geiten. Het dorp ligt als het ware tegen de bergwand aangeplakt, we hebben er een huisje bezocht en natuurlijk kregen we een glaasje muntthee aangeboden. Chenini is een bergdorpje met ong. 1000 inwoners. De huizen zijn voor het grootste deel uitgehakt in de bergwand. Het is net of de tijd daar eeuwen heeft stilgestaan.
DE MOSKEE IN CHENINIVervolgens dwars door de woestijn richting Ksar Ghilaine, onderweg kwamen we de nodige kuddes dromedarissen tegen, en die blijkbaar precies wisten waar ze heen moesten, een wonderlijk gezicht. Het was wel even lachen toen we midden in de woestijn een bord tegenkwamen met een pijl en de tekst wegrestaurant.Onvoorstelbaar daar midden in de woestijn en we konden ons daar ook weinig bij voorstellen. Daar aangekomen, bleek het geheel te bestaan uit een paar matten van palmbladeren, een paar bankjes, en zowaar konden we er koud water en frisdrank krijgen en ook natuurlijk The de Menthe, een welkome afwisseling en we konden meteen even de benen strekken.
WEGRESTAURANT MIDDEN IN DE SAHARAVerder maar weer richting Ksar Ghilaine, via een soort spoor in het zand, want wegen zijn we niet meer tegengekomen, af en toe een soort zandpad dat vol kuilen en gaten zat, en we dus regelmatig bijna met hoofd door het dak gingen, maar ja dat hoort er allemaal bij. Bij Ksar Ghilane aangekomen zijn we eerst even wat gaan zwemmen in de zwavelhoudende bron. Het schijnt erg heilzaam te zijn voor gewrichtsaandoeningen en huidproblemen. Het water is behoorlijk warm en borrelt met grote bellen uit de grond, en werkt heerlijk verkwikkend. ‘s Avonds hebben we gegeten bij een grote BBQ waar iedereen gezellig aan lange tafels omheen zat. Daarna onze slaapplek opgezocht, een heuse berbertent, eigenlijk gewoon een aantal stokken met een grote deken er overheen. Nou, dat slapen lukte dus van geen kanten, het was behoorlijk warm in die tent, en een paar van ons zijn toen ook maar met deken en al gewoon in de woestijn gaan liggen even buiten het kamp, daar lagen al meer mensen. Het was een warme heldere nacht en we konden genieten van een prachtige sterrenhemel en de nodige vallende sterren. Heel weinig geslapen maar enorm gelachen en ijverig gezongen (Dit is een nacht die je normaal alleen in films ziet) nou dat klopte ook aardig. Het was een unieke ervaring die we allemaal voor geen geld hadden willen missen.
ZWAVELHOUDENDE BRON IN KSAR GHILANEDe volgende dag zijn we heel vroeg weer vertrokken en weer dwars door de woestijn richting Matmata gereden. De sirocco was gaan liggen maar we kregen er een zandstorm voor in de plaats, binnen de kortste keren zat alles onder het zand, wel iets minder heet ong. 40 graden. We hebben in Matmata een bezoek gebracht aan de Troglodieten en bij een vriendelijke familie een glaasje thee gedronken. De woningen zijn uitgehakt in een soort kraters midden in de berg. Zomers blijft het er heerlijk koel en ‘s winters beschermt het tegen de kou. De omgeving lijkt op een soort van maanlandschap met allerlei kraters, dalen en bijna kale bergen. Hier en daar bij kleine oases was wat groen te zien. Het heeft dan ook als decor gediend voor de film (Phantom of Menace) uit Star Wars.
MATMATADaarna op weg naar Douz, waar we hebben geluncht in het hotel waar we ook de nacht zouden doorbrengen. Na de lunch even de tijd genomen om wat te zwemmen en het zand er af te spoelen. Tegen het einde van de middag weer op pad voor een rondrit door de oase met aansluitend een kamelentocht bij zonsondergang. Dat is een must als je daar bent, dan moet je toch minstens eenmaal op zo’n beest de zandduinen in. En zandduinen die hebben ze daar genoeg. In het begin staan er nog een paar palmbomen maar dat houdt al snel op en zie je echt alleen maar zand zover als je maar kunt kijken. De zonsondergang is prachtig schouwspel van zon en schaduw. De hemel kleurt vuurrood en veranderd dan weer in een soort witte bal en binnen een kwartier is het helemaal donker. Daarna weer richting hotel voor het diner dat natuurlijk buiten werd genuttigd. Toen waren we toch behoorlijk uitgevloerd en hebben op het terras nog een uurtje gezellig met een drankje zitten napraten en zijn op tijd naar bed gegaan
EVEN UITRUSTEN TIJDENS DE DROMEDARISRITWeer voor dag en dauw op en richting Tozeur via het Chot El Jerid, de grootste zoutvlakte van Noord-Afrika. Er loopt een smalle weg dwars door het meer heen, wat als het droog staat glinstert van alle zoutkristallen. Er lopen kleine kanaaltjes langs die door de mineralen in de grond blauw, roze of groen kleuren. Natuurlijk even gestopt voor een aantal Fata Morgana’s. Dat is een heel apart iets, je kijkt naar iets wat er eigenlijk niet is en toch zo echt lijkt. Foto’s maken lukt ook niet altijd even goed. We hebben dat wel geprobeerd, want hoe leg je anders thuis uit dat je een Fata Morgana hebt gezien, zonder last te hebben van een zonnesteek. Ook moesten we natuurlijk een paar zandrozen en zoutkristallen meenemen voor thuis. Zandrozen zijn een soort versteend zand, dat de vormen aanneemt van rozen. Ze zijn zandkleurig maar er worden ook gekleurde verkocht, die zijn echter geverfd of men heeft er zoutkristallen op geplakt.Overal in Tunesixeb kom je die tegen van piepklein tot kolossaal.Wel hebben we aardig afgedongen op de prijs, ze vragen zoals overal een belachelijk bedrag, maar ja afdingen is nu eenmaal iets wat hoort bij Tunesie.
ZANDROZENVervolgens richting Metaloui om een ritje te gaan maken met de Lezard Rouge, een hele oude trein die nu door de kloof van Selja rijdt en weer terug via dezelfde weg. Adembenemend mooi, tussen hoge rotsen door, de trein stopt een paar keer zodat iedereen er even uit kan stappen om alles te bekijken en wat foto’s te maken. Door de kloven heen kun je op de achtergrond de Sahara zien liggen.Er stoomt nog een klein beekje doorheen wat en er staan hier en daar wat palmbomen. Het geheel wordt getokken door een ouderwetse stoomlocomotief, en de stoomfluit klinkt als iedereen weer moet instappen.
DE LEZARD ROUGE IN DE KLOOF VAN SELJAVervolgens via de steppen en zandduinen naar Tozeur. Daar hadden we tijd om te lunchen en even wat te zwemmen, gewoon even een uurtje relaxen. Daarna hebben we een rondrit door de oase gemaakt, het museum bezocht waar we het Tunesische leven van vroeger konden bekijken, de heemtuin en ook de dierentuin bezocht. De dieren die ze daar hebben worden uit hun hokje gehaald en je kunt op die manier van dichtbij bijv. Schorpioenen zien en diverse slangen. Ook de beroemde Coca Cola drinkende dromedaris moest natuurlijk bekeken worden. We hebben nog even rondgewandeld in Tozeur en de bijzondere bouw van de huizen bekeken. De stenen van de huizen zijn op een heel aparte manier gemetseld, zodat ze schaduw en koelte geven, het is een heel bijzondere architectuur, hele patronen zijn in de muren gemetseld, het geeft de huizen daar iets extra’s. “s Avonds zijn we een uurtje de disco ingedoken maar dat hielden we niet lang vol, we vielen bijna om van de slaap. Dus toch maar weer redelijk op tijd naar bed.
TOZEURNatuurlijk weer vroeg op pad, met nog een hele reis voor de boeg. We zijn eerst richting bergoases gereden via een prachtige route. Eerst naar Chebika, dat nog als decor heeft gediend voor de film “The Englisch Patixebnt”. Het is een prachtige oase, met een behoorlijke steile klim naar boven waar de bron ontspringt. Van bovenaf konden we genieten van een weids uitzicht . Via een irrigatiesysteem loopt het water naar beneden, op die manier krijgt alles water, ook het lager gelegen palmbos. Een deel van het pad loopt tussen hoge rotsen door wat een welkome afkoeling was.
CHIBIKARichting Tamerza liep de weg door al slingerend door een kloof, het is een verlaten stadje wat door een overstroming helemaal is verwoest, alleen de moskee staat er nog goed bij. Volgend de legende heeft Fatima daar haar hart en longen achtergelaten zodat het dorp weer opgebouwd kon worden, op de berg achter het oude dorp zijn op de berg de afbeelding te zien van een hart en twee longen. De bevolking leeft een een eindje verderop, maar gelukkig is men van plan het oude dorp weer te herstellen. De watervallen van Tamerza zijn heel apart. Het water komt van behoorlijke hoogte naar beneden vallen en het is iets wat je niet verwacht midden in de woestijn. Er sprongen zelfs kikkers rond daar.
DE WATERVAL VAN TAMERZAVervolgens via de kloof naar Mides, dat ligt op de grens met Algerije. Het is een behoorlijke diepte en je kunt goed aan de rotsen zien dat er vroeger water doorheen gestroomd heeft. De rotsen zijn uitgesleten door het water en hebben verschillende lagen en iedere laag heeft een andere kleur. Je kunt afdalen in de kloof, maar helaas was er te weinig tijd voor en het was ook behoorlijk heet, we hebben het geheel dus maar vanaf boven bekeken.
MIDESVervolgens zijn we richting Gafsa gereden wat nog een behoorlijk eind was waar we de kruiden en specerijenmarkt hebben bezocht om vervolgens door te gaan naar Gabes. Gabes is de enige zeeoase van Noord-Afrika. Met een koetsje zijn we door de oase gereden, de beplanting is daar heel goed opgezet. Eerst de dadelpalmen die zijn het hoogst vervolgens de overigen zoals granaatappels, bananen en hennaplanten. Er loopt een heel stelsel van natuurlijk en aangelegde irrigatie door de oase van hoog naar laag zodat alle planten en bomen water krijgen. We zijn nog even gestopt en kregen een soort palmwijn te drinken. Men laat het sap vangt het sap van de palmbomen op in een emmer en laat dat gisten, het resultaat is dus Leghmi, behoorlijk sterk en met een aparte smaak. Gabes is mooie oase om doorheen te rijden, de mensen zijn druk in de weer met hun dagelijkse werk en dat valt niet altijd mee in die hitte.
GABESDaarna zijn we zachtjes aan richting Djerba gereden. Onderweg nog een stop gemaakt om te lunchen en af en toe de benen te strekken. We moesten een tijdje bij de pont wachten die ons naar Djerba zou varen en iedereen wacht daar heel geduldig op zijn beurt. We hebben vreselijk gelachen toen er eenmaal van alles op de pont stond, men tot de ontdekking kwam dat er meer op kon als alles anders werd ingedeeld, dus hup alles weer er af en opnieuw begonnen, dat hoef je in Nederland dus niet te doen dat pikt men hier niet, daar gaat dat echter heel gemoedelijk en doet ons beseffen dat we weer behoorlijk zullen moeten wennen aan het geren en gevlieg in ons eigen landje. Tegen 17.30 uur waren we weer terug bij ons hotel. Het was een onvergetelijke reis met enorm veel mooie onverwachte plekjes en enorm veel plezier. Gelukkig hadden we nog een paar daagjes om even bij te komen op het mooie strand van Djerba voor we weer naar huis moesten.
HET MOOI STRAD VAN DJERBA